• Archief

Gemeente in clinch met kunstenaar Bert Maurits

HAARLEM De Haarlemse kantonrechter moet zich de komende tijd buigen over een conflict tussen de Haarlemse kunstenaar Bert Maurits en de gemeente Haarlem. Afgelopen woensdag stonden de twee partijen voor de rechter om een conflict over de woning aan de Kennemerstraat te bespreken, waar Maurits al sinds 1993 woont. De gemeente is van mening dat de kunstenaar een deel van de woning heeft gekraakt en de wethouder is naar aanleiding van een motie uit de Haarlemse gemeenteraad op pad gestuurd om een einde te maken aan alle kraaksituaties in Haarlemse gemeentepanden. Dat bleken er drie te zijn, waaronder dus de woning waar Maurits verblijft en atelier houdt.

Joost Verhagen

In 2018 werd de woonsituatie van Maurits voor het laatst in de raad besproken. Het college legde toen drie opties voor; een huurcontract sluiten met de bewoners, de panden ontruimen of de situatie laten voortbestaan zoals hij was. Er bleek onder de gemeenteraad vooral draagvlak voor de eerste optie, waardoor wethouder Jur Botter met de bewoners van de drie gekraakte gemeentepanden om tafel is gegaan. Bert Maurits kon het tijdens dit gesprek niet eens worden met de gemeente. Toen hij oorspronkelijk in het pand kwam wonen, sloot hij een tijdelijk huurcontract met de gemeente voor de benedenverdieping. Dit tijdelijke contract zou inmiddels door de lange loopduur automatisch moeten zijn overgezet tot een vast huurcontract. Maurits besloot alleen later ook de bovenverdieping in te nemen. Omdat deze verdieping kadastraal was gesplitst van zijn woning zag de gemeente dit als een illegale kraakactie.

Maurits heeft zelf te kennen gegeven dat hij bereid is om huur voor het pand te gaan betalen, maar zijn salaris laat het niet toe om meer dan de maximale prijs voor een sociale huurwoning toe te zeggen. De gemeente vroeg hem om een marktconforme huur van ruim 1100 per maand voor het pand over te gaan maken. Dit leidde tot de impasse waar de Haarlemse rechtbank nu over moet beslissen. Naar verwachting doet de kantonrechter op 5 februari schriftelijk uitspraak over het conflict.