• De Meerwijkplas is zowaar weer zichtbaar vanaf het wandelpad.

    Willem Brand

Natuurwerkgroep Meerwijkplas: ,,Stadsecoloog moet uit ander potje"

HAARLEM Er is een groen potje van twee ton voor heel Haarlem. De natuurwerkgroep Meerwijkplas vindt de komst van een nieuwe stadsecoloog zeker oké, maar die mag niet betaald worden uit hun potje. Gebeurt dat, dan dreigt dat volgens de natuurwerkgroep ten koste te gaan van het noodzakelijke begrazings- en maaibeleid.

Willem Brand

De landtong bij de Meerwijkplas is een uniek stukje natuurgebied, dat in januari rigoreus is uitgedund. Noodzakelijk om zeldzame vogels als de roerdomp en de baardmees in de rietkraag te laten nestelen. Eens in de twee weken komt de natuurwerkgroep Meerwijkplas bij elkaar om het gebied te ontdoen van snelgroeiende soorten als de esdoorn en de wilg én helaas ook het nodige afval. Vrijdag 1 maart werden de wandelpaden met houtsnippers verhoogd. In januari is de landtong in samenspraak met de werkgroep en onder beheer van Landschap Noord-Holland rigoreus herschapen. Een dikke humuslaag is met graafmachines weggehaald en ook zijn de poelen dieper gemaakt.

Er lijkt een enorme kaalslag te hebben plaatsgevonden. Wie op het fiets- cq. wandelpad langs de plas loopt, kan nu plots de plas zien. Nieuw is ook het hek om het natuurgebied heen. Daphne Bloemkolk: ,,De voedselrijke bovenlaag is afgegraven. Op voedselarme grond gedijen spannendere soorten". Marijke van Korlaar: ,,Er is zelfs weer zand met schelpen, afkomstig uit het Noordzeekanaal, te zien. Vandaar ook dat hier de duindoorn groeit".

Er moest iets gebeuren, vond de werkgroep. De natuur groeide te welig. Dat was niet bij te houden. Daphne: ,,Water verlandt zich en wordt bos en dat willen we niet. De wilgen knallen de grond uit, die moeten met wortel en al eruit worden gehaald". De humuslaag ligt tezamen met takken en boomstronken opgehoopt in het gebied. ,,Circulair en goed voor insecten! Alles blijft binnen het gebied".

Marijke van Korlaar: ,,Maar dan stelt iemand plots voor dat er een stadsecoloog moet komen. Op zich een goed plan maar niet uit het potje van van de natuurwerkgroepen. Het betekent dat er minstens de helft minder geld beschikbaar is. Het begrazings- en maaibeleid komt hiermee op losse schroeven te staan. Als dit geen doorgang kan vinden, dan zijn alle inspanningen en bijbehorende kosten voor niets geweest. Hoe demotiverend is dit voor alle betrokkenen".